Demo

Wanneer een eerste indruk het oordeel bepaalt

Een selectiecommissie lijkt zorgvuldig. Meerdere mensen spreken de kandidaat, iedereen brengt een eigen perspectief mee en daarna volgt een gezamenlijke afweging. Toch ontstaat juist in zo’n groep gemakkelijk een gedeeld beeld dat sterker wordt naarmate het vaker wordt herhaald.

Dat begint soms met één opmerking. Iemand zegt: “Ik vond haar niet heel stevig.” Een ander herkent iets van die indruk en sluit aan. Vanaf dat moment wordt het gesprek gekleurd. Voorbeelden uit het gesprek worden opnieuw geïnterpreteerd en gedrag dat eerder neutraal leek, wordt ineens bewijs voor terughoudendheid. Het omgekeerde gebeurt ook. Een kandidaat die vroeg wordt getypeerd als “natuurlijk leider” krijgt vaak meer ruimte in de rest van de bespreking.

Niet iedere stem telt even zwaar mee

Een voorzitter, bestuurder of ervaren commissielid kan met één samenvatting de richting bepalen. Als die zegt: “Volgens mij waren we het er eigenlijk wel over eens dat kandidaat B het meest overtuigde”, ontstaat snel consensus, ook als de individuele beoordelingen daarvoor nog uiteenliepen.

Daarmee verschuift de beoordeling. Niet alleen wat commissieleden zelf hebben waargenomen telt mee, maar ook wie het gezamenlijke beeld formuleert en op welk moment dat gebeurt.

Eerst beoordelen, dan bespreken

Voor recruiters betekent dit dat de volgorde van beoordelen belangrijk is. Laat commissieleden eerst individueel vastleggen wat zij hebben gezien en hoe dat aansluit op vooraf bepaalde criteria. Bespreek daarna pas de kandidaten gezamenlijk.

Vraag bij opmerkingen als “sterk”, “te voorzichtig” of “past goed” altijd door: welk gedrag heb je gezien, in welk antwoord en waarom is dat relevant voor deze functie?

Maak je bijdrage concreet

Voor kandidaten helpt het om tijdens het gesprek zo concreet mogelijk te antwoorden. Algemene indrukken krijgen meer ruimte wanneer voorbeelden vaag blijven. Benoem daarom wat je deed, welk besluit je nam, welke weerstand er was en wat het resultaat was.

Merk je dat een commissielid een beeld formuleert dat niet klopt, vraag dan gerust waarop dat beeld is gebaseerd en geef een voorbeeld dat het aanvult.

Verschillende mensen zijn nog geen verschillende maatstaven

Voor leiders is er nog een andere vraag. Een commissie met verschillende functies en achtergronden is niet automatisch een commissie met verschillende referentiekaders. Als iedereen uiteindelijk hetzelfde beeld heeft van wat “stevig”, “professioneel” of “directiewaardig” eruitziet, kan een breed samengestelde commissie alsnog heel smal selecteren.

De kwaliteit van een selectiecommissie zit daarom niet alleen in hoeveel mensen er aan tafel zitten, maar in hoe zorgvuldig zij voorkomen dat een eerste indruk ongemerkt een gezamenlijk oordeel wordt.

Auteur(s): Sanjai Bissumbhar